In de week voor je menstruatie wordt je brein gevoeliger voor dreiging en tegelijk minder goed in het reguleren daarvan. Zorgen die je in week 2 nauwelijks raken, voelen in week 4 ineens als zekerheden. Het mechanisme is specifiek en zit niet tussen je oren.
Het korte antwoord
Onderzoek met functionele MRI beschrijft veranderingen in de emotieverwerking door de cyclus heen. In de late luteale fase reageert de amygdala feller op negatieve prikkels, het deel van je brein dat gevaar signaleert. Ook werken de frontale gebieden die emotie afwegen anders dan eerder in je cyclus.1 Piekeren komt in dit venster bij veel vrouwen makkelijker op gang.
Het gevolg: doemgedachten voelen als waarheid, omdat je brein ze ook als echter verwerkt. De gedachte zelf is in week 4 niet anders dan in week 2. Wat je brein ermee doet wel.
Hoe doemgedachten aanvoelen
Dit soort denken is herkenbaar aan hoe het voelt. Het is iets anders dan gewoon piekeren. Wat vaak terugkomt:
- De zekerheid dat er iets misgaat (geen "stel dat", maar "wanneer")
- Kleine dingen uitvergroten tot rampen ("mijn baas reageert niet, ik word ontslagen")
- Oude gesprekken terugspoelen en steeds nieuw bewijs vinden dat je het verkeerde zei
- Denken dat je relatie in de problemen zit, en dan merken dat je niet weet waarom
- Ineens de overtuiging dat je moet stoppen met je baan, uit je relatie moet of moet verhuizen
- Het gevoel dat alles tegelijk instort
- Gedachten niet van je af kunnen zetten, terwijl dat in andere weken wel lukt
De gedachten haken zich meestal vast aan iets wat echt in je leven speelt. Daardoor herken je ze minder snel als iets van je cyclus, want de inhoud klopt. Wat wel met je cyclus meebeweegt, is de zekerheid, de intensiteit en het onvermogen om ze los te laten.
De neurowetenschap
Er zijn drie hersensystemen bij betrokken.
Je alarmsysteem reageert feller
De amygdala signaleert dreiging en zet emotionele reacties in gang. Beeldvormend onderzoek laat zien dat dit deel in de late luteale fase sterker reageert op negatieve prikkels, zoals gezichten met een negatieve uitdrukking of dreigende beelden, dan in de folliculaire fase.2 Dezelfde prikkel, een grotere reactie.
De rem werkt zwakker
De prefrontale cortex, het sturende deel van je brein, houdt dat alarmsysteem normaal gesproken in toom en reguleert zo je emotionele reacties. In de late luteale fase lijkt die rem zwakker. Je brein reageert dus feller op het moment dat het minder goed op de rem kan staan.3
Gedachten die blijven hangen
Het netwerk dat aanslaat als je gedachten naar binnen dwalen, is actief als je oude situaties terugspeelt of toekomstscenario's bedenkt. Veel vrouwen beschrijven dat piekeren in de late luteale fase makkelijker op gang komt en moeilijker te stoppen is. Dat past bij een feller alarmsysteem en een zwakkere rem.
Anders bekeken. Doemgedachten in de late luteale fase zijn geen voorspellingen. Ze laten zien dat de systemen waarmee je brein dreiging inschat tijdelijk hoger staan afgesteld, terwijl het systeem dat die signalen filtert tijdelijk lager staat.
Waarom gedachten in dit venster zo echt voelen
Het gevoel van overtuiging wordt door je brein zelf gemaakt. Als je alarmsysteem feller reageert, voelt alles met emotionele lading urgenter. Als de rem daarop minder goed werkt, kun je jezelf er niet uit redeneren. De gedachte voelt echt omdat je brein haar met een sterker dreigingssignaal verwerkt.
Daarom helpt in discussie gaan met jezelf zelden in de late luteale fase. De gedachte reageert niet op argumenten, ze reageert op een versterkt dreigingssignaal, en die argumenten worden verwerkt door een regulatiesysteem dat net wat zwakker draait. De gewone kanalen zetten de gedachte niet opzij, omdat de gewone kanalen met minder capaciteit werken.
Wat helpt
De 3-tot-5-dagenregel
Een breed gedeelde vuistregel uit cyclusbewustzijn: geen grote beslissingen nemen in de laatste 3 tot 5 dagen van je cyclus. De gedachten zijn echt. De zekerheid die eraan vastzit is niet betrouwbaar. Beslissingen uit dit venster zien er een week later vaak anders uit, als het hormonale patroon zich heeft hersteld. Het gevoel wordt daarmee niet weggewuifd, het krijgt alleen de tijd om beoordeeld te worden door een andere hersentoestand.
Het moment benoemen
Een gevoel onder woorden brengen verandert wat er in je brein gebeurt. In dat onderzoek ging het om het benoemen van gezichtsuitdrukkingen: het sturende deel werd actiever en de amygdala rustiger.4 Of hardop zeggen "ik zit in mijn Innerlijke Herfst" hetzelfde doet, gaat een stap verder dan dat onderzoek. Wel merken veel vrouwen dat de bron van een gedachte benoemen de greep losser maakt, ook als de inhoud hetzelfde blijft. (Meer over de wetenschap achter het benoemen van gevoelens.)
Minder brandstof voor piekeren
Doomscrollen, gesprekken terugspelen, 's avonds laat beslissingen nemen, alcohol, te weinig slaap: het versterkt allemaal het cognitieve patroon van de late luteale fase. Dat beperken in de zware week is een van de meest praktische ingrepen die er zijn.
Cognitieve defusie
Een techniek uit ACT (acceptance and commitment therapy): in plaats van in discussie te gaan met een gedachte, bekijk je hem. "Ik heb de gedachte dat mijn baas boos op me is." Die formulering zet een stap afstand tussen jou en de gedachte. Het werkt juist omdat het de gedachte niet probeert weg te krijgen.
Weten wanneer de doemgedachten aankloppen.
My Body's BFF houdt je cyclusfase bij naast je stemming en je gedachtepatronen. Na 2 tot 3 cycli zie je precies wanneer het venster opengaat waarin beslissingen beter kunnen wachten.
Download de appDe kern
Doemgedachten zijn geen voorspellingen. Ze zijn een tijdelijke toestand van je brein, waarin het dreigingssysteem versterkt is en het regulatiesysteem gedempt. Hetzelfde brein, andere chemie.
De gedachten voelen echt omdat je brein dat gevoel van echtheid zelf maakt. Ze zijn het niet. Weten wanneer ze komen, ze benoemen en ze laten overwaaien zijn de dingen die het meeste helpen. (Zie ook: waarom je elke week voor je menstruatie angstig bent.)